Respect voor dieren

maandag 19 oktober 2015

IN HUMANS

."Memory hierarchies map onto the hippocampal long-axis in humans"  


IN H-U-M-A-N-S  -  voel je 'm?!

Het is alsof er iets van teleurstelling uitspreekt: 't Is maar in mensen hoor, dus hecht er niet teveel waarde aan.' 

Omgekeerde wereld.

vrijdag 16 oktober 2015

Afschrikking (roken)

Het verdient aanbeveling gezichten van rokende BN'ers af te beelden op sigarettenpakjes.

Zoals:

Johan Derksen (1949)

 en
Connie Palmen (1955)

dinsdag 13 oktober 2015

NIET tegen dierproeven; noemt zich 'Dierenbescherming'





In Nederland worden jaarlijks tussen de 500.000 en 600.000 dieren gebruikt in wetenschappelijk onderzoek en wettelijk voorgeschreven tests. De meeste experimenten worden gedaan op muizen en ratten, maar ook andere diersoorten, zoals cavia's, konijnen, kippen, honden, katten, paarden, schapen, geiten, varkens, runderen, apen, vogels, vissen, en amfibieën worden ingezet. De proefdieren worden in laboratoria of andere instellingen gefokt, maar ook uit het wild gevangen of in de eigen leefomgeving van het dier bestudeerd. Bij de proeven worden dieren vaak in hun welzijn aangetast, bijvoorbeeld omdat ze opzettelijk ziek gemaakt worden. Ze ervaren pijn en stress en worden na de test meestal gedood.

Dierproef voor veiligheid

Meer dan de helft van de dierproeven wordt gedaan om kennis over processen in het menselijk en dierlijk lichaam te vergroten, om het ontstaan van ziekten en aandoeningen te bestuderen en medicijnen en vaccins te ontwikkelen. Ruim 25% van de tests op dieren wordt uitgevoerd om stoffen te testen op hun werkzaamheid en veiligheid voor de gezondheid van mens, dier en/of milieu.
Niet vanzelfsprekend
Dierproeven vinden dus vaak plaats in het belang van de samenleving,  haar gezondheid en veiligheid. Toch vindt de Dierenbescherming dat dierproeven niet vanzelfsprekend mogen zijn. De laatste jaren zijn er steeds meer alternatieven voor dierproeven, zoals het testen met cel- en weefselkweken (ook van menselijk materiaal) en het gebruik van computerprogramma’s bij onderwijs en onderzoek.
Alternatieven beter
Alternatieven blijken in sommige gevallen een betere voorspellende waarde te hebben dan het werken met proefdieren. Ook is aangetoond dat in ieder geval veiligheidstests op dieren overbodig zijn, omdat ze vrijwel geen voorspellende waarde hebben voor de werking bij mensen.
Wat de Dierenbescherming doet
De Dierenbescherming heeft een realistische en kritische benadering, met als uiteindelijk doel het uitbannen van dierproeven. We pleiten daarom voor de drie V’s:
  • Vervanging van dieren door alternatieve testobjecten;
  • Vermindering van het aantal gebruikte dieren;
  • Verfijning door in de onderzoeksopzet te zorgen voor minder pijn, leed en stress bij de dieren en/of door verbetering van huisvesting.

***

Commentaar


De Dierenbescherming is NIET tegen dierproeven.

Zoals ze, nog altijd, op haar website schrijft (hierboven) “vinden ze vaak plaats in het belang van de samenleving”.

”Toch vindt de Dierenbescherming dat dierproeven niet vanzelfsprekend mogen zijn.”

En: “ De Dierenbescherming heeft een realistische en kritische benadering, met als uiteindelijk doel het uitbannen van dierproeven.”

Vooral dat ‘realistische’ verraadt waar de Dierenbescherming staat. Dierproeven als ‘realiteit’. Ze veroordeelt ze niet, ze komt niet op voor proefdieren. Op z’n best zou je kunnen zeggen dat ze die proeven liever niet heeft.

In een notedop is dat de hele filosofie van deze organisatie. Dieren wordt veel leed toegebracht, maar dat is nu eenmaal de realiteit. Ook de eigen medewerkers eten vlees en vis. Dragen bont. Gaan naar de dierentuin.
Dus wat voor recht heb je dan als organisatie om daar iets van te zeggen? Op z’n best kun je dan vragen om wat minder dierenleed, om een iets nettere behandeling van proefdieren.
 ---

PS. 
1. Het is niet zo dat ieder jaar tussen 500.000 en 600.000 dieren gebruikt - bedoeld: misbruikt - worden. Tel er gerust eenzelfde aantal reservedieren bij op.

2. "Wij pleiten daarom voor de drie V's." Een grotere open deur is niet mogelijk, lachwekkender kan het niet. De drie V's dateren van...........1959, en hebben iedere zeggingskracht verloren.

donderdag 8 oktober 2015

Koninlijke Hondenbescherming

 

In 2013 werden in ons land 1612 honden misbruikt in proeven. De 'Hondenbescherming'  houdt zich hier niet mee bezig. 

Ook niet met ander systematisch misbruik van honden zoals hulphonden en politiehonden. 

Toch verwierf ze, in 2012, het predicaat 'Koninklijk': 'Koninlijke Hondenbescherming'. Daarmee is ze de enige organisatie in relatie met dieren(bescherming) met dit predicaat. In Amsterdam bestaat weliswaar de Koningin Sophia Vereeniging tot Bescherming van Dieren, maar zij is niet koninklijk! Ook de Dierenbescherming is dat niet. 

Waarom de Hondenbescherming dit predicaat aangevraagd heeft, is mij niet duidelijk. Het zullen wel pr-redenen geweest zijn. 
Nog minder begrijp ik waarom de organisatie zich niet expliciet uitspreekt tegen het doen van proeven met honden. 

Zie ook:  http://barends-blik.blogspot.nl/2014/04/hondenbescherming.html

Henriette Bout

 
 Henriette Bout

“De vraag of dierproeven moreel toelaatbaar zijn is maar al te vaak een kwestie van technische lijstjes langslopen: zijn de 3V’s goed onderbouwd, snappen we het doel van de proeven, is de opzet van de proef wetenschappelijk deugdelijk. Dan lijken de dierproeven al gauw toelaatbaar. 

Maar in mijn optiek zijn we er dan nog niet. De maatschappelijke vraag is ‘Vinden we dat dit doel ook het middel, namelijk de inzet van dieren, heiligt?’ Daarvoor is een normatieve uitspraak nodig die Dierexperimentencommissies (DEC’s) gek genoeg niet graag expliciet doen. 
Uitspraken over hoe interessant het onderzoek eigenlijk is, of men vindt dat er veel of weinig maatschappelijk belang mee gediend is, of het reëel is om te denken dat het maatschappelijk doel ook binnen bijvoorbeeld 20 jaar behaald wordt. Dit soort uitspraken worden niet snel gedaan. 

Mij valt op dat de DEC’s (dierexperimentencommissies) eigenlijk heel goed in staat zijn om verschillende visies op de waarde van dieren en op het nut van dierproeven te verenigen met elkaar binnen de kaders van de wet. Nu nog expliciet maken. Daarom lijkt het mij een goed idee om de ‘E’ van ‘experimenten’ in de titel van de Dier Experimentencommissies te vervangen voor de ‘E’ van ‘ethiek’.”
***

Commentaar
Deze mevrouw, lid van het 'Nationaal Comité', heeft in ieder geval al enig idee waar de schoen wringt.

'Nationaal Comité'

Deze mensen adviseren omtrent het "dierproevenbeleid". Onder de weidse naam:
Nationaal Comité advies dierproevenbeleid.

Het nieuwste zoethoudertje.

Wat valt daaraan te adviseren? Het tijdpad van de afbouw, uitfasering?

maandag 5 oktober 2015

Dierenbescherming: In en Uit

.Met de Dierenbescherming is het haast altijd lachen – als het niet zo droevig was. Het structurele probleem van de organisatie is dat ze denkt dat ze het hele gebied van dieronwelzijn kan bestrijken, maar dat lukt van geen kant. Is ook niet nodig want er zijn al veel andere, gespecialiseerde organisaties die het gesukkel niet meer aan konden zien en voor zichzelf zijn begonnen. Maar zolang DB-leden liever onwetend blijven, zal er geen verandering komen. In 2014 bedroeg het ledenaantal (incl. donateurs!) nog geen 175.000.

Vandaag lezen we:

“De Dierenbescherming is helemaal klaar met de paardenmarkten in Nederland. Na vier jaar heeft de organisatie dan ook besloten uit het Protocol Welzijn Paardenmarkten te stappen. Er wordt geen echte voortgang geboekt en het huidige protocol is onduidelijk en niet concreet en gaat bovendien niet ver genoeg.”

En dus stapt de club hier uit.

Daartegenover besloot de Dierenbescherming in te stappen bij Nationaal Comité advies dierproefbeleid, eind 2014. Formeel is Frank Dales lid van dit comité, maar men mag hopen dat hij zich laat vertegenwoordigen door iemand die nog wel enige sjoege van het onderwerp – en een rechte rug – heeft. Van de overige zes leden is er ten hoogste één die niet helemaal achter het doen van dierproeven staat. 

Hier is dus geen enkele eer te behalen. 

Met de recente ervaring met de paardenmarkten zou je verwachten dat men wijzer zou zijn en niet in deze val zou trappen. Maar nee hoor, minzaam glimlachend heeft Frank weer een comiteetje op z’n c.v’tje.
.
.


 'Met Dales in de dalles'